Het onderwijs loopt altijd achter
Column Paul de Maat
‘Het onderwijs loopt altijd achter,’ zei een van de panelleden. Ik was in Rotterdam bij een discussieavond met als onderwerp Hersenschade door internet? Vier experts waren ingehuurd om daar hun eigen visie en verhaal te vertellen over het omgaan met internet. En in het bijzonder de mogelijke gevaren daarvan. Zoals dat gaat, naderhand mocht het publiek vragen stellen. Daarmee kwam binnen enkele minuten de discussie op opvoeding en onderwijs. Ouders hebben een taak en de school heeft een taak, riep iemand. Iedereen knikken. 'Maar ja,' zei een van de panelleden, mede-auteur van het binnenkort te verschijnen 'The dark side of internet', 'het onderwijs loopt altijd achter'.
Kinderen zijn verder?
Een lerares nam het woord en zei dat het haar toch wel pijn deed, die opmerking over achterlopen. 'Wij hebben niet de nieuwste en snelste computers,' zei ze, 'dat klopt. Wij bezitten niet de nieuwste apparaten die de kinderen wel hebben. Wij kunnen de leerlingen niet bieden wat ze thuis ervaren op dit gebied. En inderdaad, de kinderen zijn vaak verder dan wij.'
Niet doen, dacht ik. Niet zeggen dat de kinderen verder zijn dan hun leraren. Het is namelijk helemaal niet waar. Kinderen zitten op school om te leren leven. Dat leren ze van wijzen die voor de klas staan. Wijzen die vaak al heel wat levenservaring hebben, die ervoor geleerd hebben en die hun collega's hebben om zelf weer van te leren. Allemaal kennis en bagage om de leerlingen te leren hoe ze dat leven moeten aanpakken. Want dat is wat deze onwetenden moeten leren: hoe moet je leven, nu, later, thuis, op school, binnen, buiten. En ook op internet. De wijze, de leraar kan kinderen leren hoe ze informatie vinden, waar ze moeten zoeken, hoe ze bronnen kunnen beoordelen, hoe ze met hun Hyvesprofiel om moeten gaan, wat ze wel en beter niet kunnen zeggen op Twitter.
Dat dacht ik allemaal in twee seconden. Toen hoorde ik de spreekster haar eigen woorden nuanceren. We moeten de kinderen met internet leren omgaan, zei ze. 'In hun hoofd.' Geen knoppenkunde dus, bedoelde ze.
Probeer
Deze lerares liep in ieder geval niet achter, dat was duidelijk. Zij had haar ogen goed open, dacht na over wat ze zag gebeuren en was ervan overtuigd dat Nederlandse leraren hun kinderen heel wat kunnen leren. Ook, zelfs, als het over het internetleven gaat.
Dat je niet alles kunt bijhouden en dat je wel eens het gevoel hebt dat je achterloopt, dat zal iedereen overkomen. Maar er is vast wel iemand in het team die graag al die nieuwe ontwikkelingen bijhoudt en er graag van tijd tot tijd wat over vertelt of een instructief YouTube-filmpje laat zien. Laat die collega dat ook vooral doen en profiteer ervan. Zoek zelf op internet naar leuke ideeën om de leerlingen meer over internet te leren. Bijvoorbeeld:
• Laat de leerlingen op een vel papier allerlei dingen over zichzelf opschrijven.
• Verzamel de beschrijvingen en kondig aan dat u ze zo leuk vindt dat u ze gaat kopiëren en ophangen in het winkelcentrum.
• Laat de leerlingen daarop reageren en bespreek de verschillen en overeenkomsten tussen uw idee en wat de leerlingen zelf doen op het world wide web.