Kees Reijneveld Porteum vo

Vaksecties als spil van schoolontwikkeling

Hoe zorg je in een school met 3500 leerlingen voor samenhang en kwaliteit? Wat drie jaar geleden begon met een eerste training ‘Leidinggeven aan de vaksectie’, is uitgegroeid tot een organisatiebrede beweging binnen Porteum in Lelystad.

De school ontstond vijf jaar geleden uit een fusie van drie scholen. Een aantal ervaren sectievoorzitters vertrok. Nieuwe, vaak jonge sectievoorzitters namen het stokje over.  ‘Die kwamen naar mij toe voor hulp’, vertelt afdelingsleider Kees Reijneveld. ‘Ze wisten niet goed wat ze moesten doen en vroegen om scholing.’ Op dat moment was de organisatie nog volop in ontwikkeling. Nieuwe procedures maken kost tijd, maar die tijd was er niet. ‘De sectievoorzitters hadden behoefte aan richting, dus ik besloot zelf op zoek te gaan. Zo ben ik bij Rob Glandorf van de CED-Groep terecht gekomen.’  

Hoe Porteum zorgt voor ijzersterke vaksecties

Doelgericht door data 
Kees was enthousiast over de inhoud van de training. ‘Alle vragen van de sectievoorzitters kwamen aan bod. Hoe geef ik leiding, hoe geef ik invulling aan het vakwerkplan, hoe ontwikkel ik het curriculum?’ Eén van de belangrijkste onderwerpen: data. ‘In de training leren sectievoorzitters hoe zij datagestuurd kunnen werken. Vanuit de analyse van de data kan de sectie doelgerichte stappen zetten, bijvoorbeeld in de ontwikkeling van het curriculum.’ 
 
De effecten bleven niet onopgemerkt. Terwijl de eerste sectievoorzitters hun rol met nieuw verworven vaardigheden konden uitoefenen, kreeg Kees vragen van geïnteresseerde collega's uit de organisatie. ‘Wij willen die training ook’.  Inmiddels is iedereen bij Porteum ervan doordrongen: vaksecties zijn cruciaal voor onderwijsontwikkeling. Het beleid is dan ook dat alle sectievoorzitters de scholing volgen. Maar er is meer nodig.     

Betrokken mt en bestuur 
Parallel aan de training voor de sectievoorzitters, gingen mt en het bestuur onder leiding van Rob in twee sessies aan de slag met vragen als: hoe denken jullie zelf over vaksecties? Hoe ga je het gesprek aan met de vakgroepen? Hoe zorg je dat jullie allemaal op dezelfde manier naar de kwaliteit van sectievoorzitters en vakwerkplannen kijken? Kees: ‘Iedereen heeft een andere blik. En als je dat niet met elkaar verkent, dan weet je ook niet wat je wilt afstemmen.’  

'Iedereen heeft een andere blik. Als je dat niet met elkaar verkent, dan weet je ook niet wat je wilt afstemmen.'

Kees Reijneveld, afdelingsleider Porteum

Kwaliteit is van iedereen
Bestuurder Edward Elenga benadrukt het belang van bestuurlijke betrokkenheid. ‘Onze leerlingen hebben recht op het beste onderwijs van Nederland. Kwaliteit is niet van mij, van het mt, of van een werkgroep. Het is van ons allemaal.‘  Sectievoorzitters zijn inmiddels voorzien van extra uren en vervullen de rol die zij moeten vervullen. ‘We zijn ervan doordrongen dat sectievoorzitters alleen verantwoordelijkheid kunnen nemen als we die ook geven. Er zit veel verschil tussen de secties. Moeten we dat accepteren of zegt dat ook iets over onze leiding? Het is heel goed dat wij aan de slag zijn gegaan met ons eigen leiderschap. Hoe kunnen wij de sectievoorzitters ondersteunen? Zij hebben ons nodig. We pakken het als totale organisatie aan. Het sluit mooi aan op onze visie op leren en ontwikkelen.’  

‘We pakken het als totale organisatie aan. Het sluit mooi aan op onze visie op leren en ontwikkelen.’

- Edward Elenga, bestuurder Porteum

Een goed vakwerkplan: vakwerk 
Eén van de ontwikkelingen binnen Porteum is de verbinding tussen de schoolplannen en de vakwerkplannen. In gesprekken met de teamleiders bespreken de sectievoorzitters hun vakwerkplannen. Welke afwegingen zijn gemaakt? Passen de plannen bij de koers van de school? ‘Het begint dan bij de visie op deze gesprekken,’ zegt Edward. 

‘Het gaat nadrukkelijk niet om verantwoording, maar om sturing.’ Kees bevestigt dit. ‘We kijken samen naar de analyses van de periode en hebben echt een gesprek over het onderwijs. Ik stel veel vragen. Niet vanuit controle, maar vanuit nieuwsgierigheid.’ Zo wordt het vakwerkplan geen papieren tijger, maar een levend document, waar de sectievoorzitter eigenaar van is. ‘Het is nooit af.’  

Teamleiders in de training 
Eén van de afspraken binnen Porteum: afdelingsleiders sluiten aan bij de training Leidinggeven aan de vaksectie. Joke Swart is één van die afdelingsleiders. ‘Wij zijn het aanspreekpunt voor de sectievoorzitters, dus ik vind het heel goed om mee te doen.’ In de tweede bijeenkomst, die over data ging, heeft Joke al mooie inzichten opgedaan. Ze merkte dat sectievoorzitters heel welwillend zijn om met data te werken. 

‘Maar het is heel belangrijk dat zij de juiste informatie van het management krijgen. Zij hebben alle relevante data nodig om een goede analyse te kunnen maken voor hun vak.’ Verder ontdekte zij dat het heel makkelijk is om snel tot een aanname te komen. ‘Maar je hebt een brede blik nodig en een onderzoekende houding. Pas dan kun je echt goed naar interventies gaan kijken. Ik weet zeker dat ik na de training sterkere gesprekken met de sectievoorzitters kan voeren.’  

'Het is heel belangrijk dat sectievoorzitters de juiste informatie van het management krijgen.'

Joke Swart, afdelingsleider Porteum

Een gezamenlijke taal 
Onderwijsadviseur en teamleider Rob Glandorf: ‘Het is zo krachtig als je een ontwikkelingstraject echt gezamenlijk aangaat. Als je alleen sectievoorzitters traint, ontbreekt de borging en ontstaat er geen gezamenlijke taal. Gun jezelf een paar jaar om dit goed neer te zetten en betrek zoveel mogelijk sleutelfiguren: de bestuurder, de directeur, de afdelingsleiders én de datacoach. Zij spelen allemaal een rol in het versterken van de vaksectie.’ 

Rob Glandorf 2

Werken aan sterke vaksecties?

Rob Glandorf vertelt je er graag alles over.

x